Waarom fitness trackers (nog) geen levens veranderen

Samsung vroeg me onlangs een sporthorloge te testen. Een wearable. Een fitness tracker. Ik weet nog even niet wat de beste term ervoor is. Laat ik maar voor die laatste gaan. En gisteren zat ik bij TomTom om m’n mening te geven over hun nieuwste product.

Ik denk dat ik er (nog steeds) niet in geloof.

En ik ben niet de enige. In een recent gepubliceerd onderzoek geeft 89% van onze Duitse buren aan geen fitness tracker te bezitten en ook niet van plan zijn er één aan te schaffen. Maar dat betekent wel dat 11% er wél interesse in heeft. Dat is een markt van bijna 9 miljoen mensen.

Bizar eigenlijk.

Hetzelfde onderzoek toont namelijk ook aan dat maar liefst de helft van de mensen die daadwerkelijk een fitness tracker hebben, ‘m niet gebruikt.

En dat snap ik wel.

En daar hintte m’n subjectieve onderzoekje op Twitter ook naar:

Inzicht of geen inzicht?

Een fitness tracker is een relatief nieuw product met een verscheidenheid aan functies, maar tegelijkertijd ook zonder functies. Afhankelijk van de aanbieder meet een fitness tracker het aantal stappen dat je op een dag zeg, je hartslag, je bloedsuikerspiegel, je slaappatroon, je vetpercentage, je koffieinname, je lichaamstemperatuur, je afgelegde afstand, je locatie of hoe laat het is.

Superhandig. Krijg je lekker allemaal inzichten.

Maar is dat wel zo?

De eerste sporthorloges (toen nog daadwerkelijk sporthorloges genoemd) waren verbonden aan een borstband met daarin een hartslagmeter. En ze werden vooral door hardlopers gebruikt. Toen nog vaak om in de ‘vetverbrandingszone’ te trainen.

Dat werkte niet altijd even best, maar als het werkte kon je op het display je hartslag zien. En dan eventueel je hardloopritme aanpassen. Maar dan moest je wel constant op je horloge kijken. Een strakke oncomfortabele borstband dragen.

En niet vergeten om te doen.

Data versus informatie

Inmiddels zijn we wat verder in de tijd en adverteren alle fabrikanten zonder uitzondering dat je je lichaamsfuncties kunt ‘tracken’. Bijhouden of volgen dus, in het Nederlands.

Het probleem is dat we met z’n allen denken dat het informatie is, terwijl het niets meer is dan data. Ongecategoriseerde, contextloze lijsten met cijfers.

Ik heb vandaag 12.345 stappen gezet.

En nu?

Het waren er 4.030 meer dan gisteren.

Ok.

Je hartslag was gemiddeld 57 slagen per minuut.

Wat betekent dit?

Je hebt vandaag 2312 calorieën verbruikt.

Ok hoe meet je dit? En wat betekent dit?

Je vetpercentage is 19% en vorige maand 19,8%.

Ja. Wat heb ik hier aan?

Je bloedsuikerspiegel is laag, eet even wat.

Joh bedankt voor de tip.

Wat is relevant?

Onder andere door het Quantified Self Institute in Groningen wordt onderzoek gedaan naar fitness trackers en werden onlangs de validiteit (of de metingen kloppen) en betrouwbaarheid (of de metingen altijd hetzelfde zijn) ervan onder de loep genomen.

Maar dát is dus precies wat niet zoveel uitmaakt.

Dat je in plaats van 550 stappen, zoals de tracker aangeeft, er maar 500 zet, boeit dus helemaal niet. Het gaat er om wat het betekent dat je er 500 zet.

En je kunt jezelf, net zoals de hele wereld, wel opleggen om 10.000 stappen per dag te zetten. Maar waarom doe je dat? Wat heeft het voor invloed? En wat gebeurt er als je er 8000 zet of 12000? En wat gebeurt er als je een dag niet zoveel loopt? Ben je dan ‘af’? Ben je dan minder fit? Waarom wil je dit weten? En waarom wil je dit doen?

Er is op dit moment geen enkele fitness tracker die context kan geven aan alle data die wordt gemeten. Maar dat is ook helemaal niet erg. Dat is niet aan die fitness tracker om te doen.

Vind ook hoofdonderzoeker van het eerder genoemde onderzoek:

Alle polsbandjes met sensoren hoeven maar 1 ding te doen: meten en data beschikbaar maken.

Mismatch

Het is volkomen logisch dat de helft van de mensen die dingen niet meer gebruikt. Er is een mismatch tussen wat fitness trackers pretenderen te doen en wat ze daadwerkelijk doen. Als ze het al doen. Als je ze al gebruikt.

Endeavour Partners voerde een onderzoek uit en kwam er achter dat het succes van fitness trackers afhankelijk is van 9 kritieke factoren. En als je zelf een fitness tracker bezit, kun je nu even gaan afvinken:

Duidelijkheid

Wat kun je nou precies met de fitness tracker en wat heb je er nu écht aan? Omdat fitness trackers relatief nieuw zijn, maar er tegelijkertijd meerdere concurrerende aanbieders zijn, is het belangrijk om als aanbieder een unieke propositie te hebben. En welke aanbieder heeft dat nu echt?

Uiterlijk

Hoe ziet de tracker er uit? Fitness trackers worden vaak zichtbaar gedragen. Producenten die design boven het aantal features stellen, zien hogere retentiecijfers.

Installatie-ervaring

Hoe gemakkelijk kun je de tracker gebruiken? We weten allemaal dat de eerste indruk telt en dat is niet anders voor fitness trackers. Als de installatie gemakkelijk is, zul je het apparaat langer gebruiken.

Vorm & comfort

Een fitness tracker die fijn zit of niet tot last is, zal langer worden gebruikt.

Robuustheid

Een fitness tracker die tegen een stootje kan en lang meegaat, zal logischerwijs langer gebruikt worden dan een apparaat dat snel aan vervanging toe is.

Gebruiksgemak

Een fitness tracker die intuïtief en gemakkelijk in gebruik is (en de app en de web applicatie ook) en weinig frustratie oplevert, zal langer worden gebruikt.

Integratie

Integratie met andere soft- en hardware: kort gezegd komt het er op neer dat als de fitness tracker niet communiceert met andere apps en software maar je verplicht eigen software te installeren en te gebruiken, je die fitness tracker sneller in de kast legt en nooit meer draagt.

Gebruiksduur

Lifestylecompatibiliteit: een moeilijk woord voor de mate waarin je de fitness tracker af moet doen om op te laden, te synchroniseren met je computer of omdat je gaat douchen en het ding niet tegen water kan. Weinig compatibiliteit = minder lang gebruik.

Toegevoegde waarde

Nut: wat mij betreft de meest belangrijke voorwaarde. Als een fitness tracker niet duidelijk maakt, wat je er aan hebt, zul je ‘m sneller afdoen en nooit meer gebruiken. En dát is nu precies waar het bij alle trackers aan schort.

Oja, dit paper is geschreven in 2014 en twee jaar later heeft er niemand wat mee gedaan.

Maar zijn fitness trackers dan echt den dode op geschreven?

Nee. De markt voor fitness trackers wordt volgens dit model nog véél groter, en er worden heus wel stappen gemaakt. Maar meestal nog niet in de juiste richting.

Wanneer we weten dat fitness trackers eigenlijk alleen vrij algemene data geven en ook nog eens meer een last zijn in gebruik dan een gemak, dan kloppen er dus drie dingen niet aan hedendaagse fitness trackers:

1) Iets of iemand die van die data informatie kan maken (door context en relevantie aan te geven);

2) Een analyse van die informatie die specifiek en persoonlijk is;

3) Fitness trackers als polsbandjes die je moet opladen en die niet tegen water kunnen en die alleen werken met specifieke software van de aanbieder zijn niet de juiste vorm voor het verzamelen van data.

Voor twee van de drie mankementen is Personal Body Plan een oplossing.

En voor de derde zijn er twee mogelijkheden: integratie van trackers en sensoren in iets wat je niet tot last is (je smartphone maar dat werkt misschien nog niet zo goed) of je kleding of een tattoo of een implantaat. Of we accepteren dat alle data die we op dit moment verzamelen totaal niets bijdraagt aan ons leven en wachten op het moment waarop we waardevolle informatie kunnen verzamelen.

Dus dat.

 

Een bericht schrijven

Download het gratis e-book: "Word de beste versie van jezelf"